Zoönosen zijn ziekten die van dieren op mensen overdraagbaar zijn (en andersom). Op onze boerderij komen zowel begeleiders, deelnemers, stagiaires maar ook bezoekers in aanraking met dieren, mest, voer en eventuele bacteriën in de lucht.
We nemen een aantal maatregelen om besmetting te voorkomen, zoals het vaccineren van de dieren, bloedonderzoek, zieke dieren apart zetten etc. We voldoen aan de eisen van het programma “Zoönosen-verantwoord bedrijf” van de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD). Dit controleert de veearts. Wij beschikking ook over een zoönosenprotocol.
Maar veel dingen hebben geen zin, als de mensen zich niet aan bepaalde regels houden. Het is aan de begeleiders om iedereen hier op te wijzen en bewust van te houden. In dit protocol meer uitleg hierover.
• Was je handen met zeep en water na contact met dieren
• Was je handen vóór het eten
• Eet niet tussen de dieren
• Eet geen voedsel dat op de grond is gevallen
• Neem geen mest onder je schoenen mee naar huis
• Wanneer iemand met/tussen de dieren of in de hokken gaat werken: liefst overall en laarzen dragen
• Beperk het aanraken van stro en mest.
Handen wassen kan in de stal, maar ook binnen bij de toiletten, in de keukens en in het kinderdagverblijf (alleen voor de kinderen en hun begeleiders.)
Laarzen en overalls zijn te vinden aan de kapstok bij de ingang van de zorgboerderij, maar ook rechts om de hoek in de nieuwe kas.
Wat zegt het RIVM?
De interactie tussen mens en dier heeft een positief effect voor deelnemers van de zorgboerderij, maar ook voor de gezinnen van de eigenaar zelf. De positieve interactie speelt daarmee een steeds grotere rol in de zorg.
De keerzijde van deze vorm van zorg, zijn de gezondheidsrisico’s die het met zich meebrengt. Dieren kunnen asymptomatisch een reservoir vormen van ziekteverwekkers die op mensen kunnen worden overgedragen (zoönosen). De omgang met dieren op zorgboerderijen vormt een reëel risico. In 2004 onderzocht de VWA 91 zorgboerderijen. Bij bacteriologisch onderzoek van mest monsters op STEC O157, salmonella sppen/of campylobacter spp. bij de zorgboerderijen werd bij 50 bedrijven (56%) een van deze bacteriën aangetroffen. Andere belangrijke ziekteverwekkers op de zorgboerderij zijn coxiella burnetii en MRSA.
Naast het feit dat op de helft van zorgboerderijen zoönotische verwekkers aanwezig zijn, lopen deelnemers meer risico omdat zij vaker behoren tot één van de risicogroepen voor een ernstig beloop van de infectieziekten door een verminderde afweer, op basis van (chronische) ziekte en/of leeftijd.
Het risico op overdracht van infectieziekten kan door goed gestructureerd hygiënebeleid en een optimale bedrijfsvoering drastisch beperkt worden. Een nadeel hierbij is dat een aantal deelnemers weinig kennis heeft over de risico’s van infectieziekten en in het bijzonder zoönosen. Zij zijn zich mogelijk niet bewust van het belang van goede hygiëne.
Ouder en meer kwetsbaar of (mogelijk) zwanger? Let extra op!
Zoönosen zijn ziekten die van dieren op mensen overdraagbaar zijn (en andersom). Omdat wij op de boerderij met dieren werken, is het belangrijk om hier rekening mee te houden. De kans op overdracht is heel klein maar het is goed om voorzorgsmaatregelen te treffen voor iedereen, maar vooral als je behoort tot de doelgroep die iets meer kwetsbaar is, zoals ouderen en zwangere vrouwen.
Hoeve Vredeveld heeft een Zoönose-protocol, iedereen moet zich hiervan bewust zijn en hiernaar handelen. Wat je hoort te doen, staat onderaan dit protocol. Kinderen, ouderen en zwangere vrouwen lopen extra risico voor het oplopen van overdraagbare infecties tussen mens en dier.
Ben je zwanger?
In de eerste fase van de zwangerschap is de foetus het meest kwetsbaar. Besmetting in een latere fase heeft minder invloed op het ongeboren kind maar vormt nog steeds een risico waar je je van bewust moet zijn. Toxoplasma, Chlamydia, listeria en Q-koorts zijn voorbeelden van zoönosen die een risico kunnen vormen, niet alleen voor moeder maar vooral ook voor het ongeboren kind.
Het is niet nodig om alle diercontact te vermijden maar het is belangrijk om tijdens de zwangerschap wat voorzichtiger met bepaalde groepen vee om te gaan. Verleen bijvoorbeeld geen hulp bij kalverende koeien of andere dieren. Ook bij het verzorgen van pasgeboren kalveren en andere dieren zit een risico dat je beter kunt vermijden.
Nog meer dan anders, moet een zwangere vrouw attent zijn op hygiëne. Handen wassen met ontsmettende zeep na diercontact, of nog beter: draag handschoenen bij je werk met dieren en vervang deze direct na diercontact. Infectie vindt vooral via de slijmvliezen plaats. Vermijd contact met risico-vee, maar als je toch in aanraking komt, draag dan een mondkapje en bescherm je ogen met een veiligheidsbril. Blijf bij de kattenbak weg. Vermijdt contact met mest van alle dieren.
Was je kleding dagelijks op 60 graden en zorg dat het schoeisel dat je draagt op de boerderij, daar blijft. Verder gelden natuurlijk voor jou dezelfde regels als voor anderen in het kader van zoönose-preventie.
Ook belangrijk: Vermijd het eten en drinken van rauwe producten zoals rauwe melk of vlees.
Het is begrijpelijk dat je in de eerste weken niet wilt vertellen dat je zwanger bent. Wij raden je echter aan om dit toch in ieder geval met de zorgboerin (Astrid) te delen zodat wij samen met jou kunnen zorgen dat je zwangerschap niet wordt beïnvloed door mogelijke zoönosen. Wil je tijdens je zwangerschap niet werken met de dieren, dan kun je dit natuurlijk aangeven, bij Hoeve Vredeveld zal hier dan rekening mee gehouden worden.
Behoor je tot een andere kwetsbare doelgroep?
Op zich hoef je je niet ongerust te maken. Als er zieke dieren zijn, dan kom je hiermee niet in aanraking. Uit voorzorg geven we graag aanvullend deze volgende adviezen mee omdat we nooit 100% kunnen uitsluiten dat je toch in aanraking komt met een dier dat later ziek blijkt te zijn:
- Wees attent op hygiëne. Handen wassen met ontsmettende zeep, na elk diercontact.
- Infectie vindt vooral via de slijmvliezen plaats.
- Vermijd contact met risico vee.
- Vermijdt zoveel mogelijk het contact met mest van alle dieren.
- Was je kleding dagelijks op 60 graden en trek je boerderij kleding thuis uit.
- Zorg dat het schoeisel, dat in contact komt met mest, afgespoeld wordt of op de boerderij blijft.
- Spoel bandjes van de rollator en/of rolstoel af, nadat er door mest is gereden.
- Vermijd het eten en drinken van rauwe producten zoals rauwe melk of vlees.
Voor meer informatie betreffende zoönose verwijzen we graag naar het zoönose-protocol.


